‘Le temps passe vite’; het is al weer zo’n 10 jaar geleden dat mijn ‘herintreding’ in Maastricht plaats vond. Een moment om terug te kijken op wat we in mijn geboorteplaats de laatste 10 jaar zoal hebben mogen meemaken. Dat is zóveel, van het afketsen van het Culturele Hoofdstad 2018-evenement tot het gereedkomen van de Groene Loper/A2-ondertunneling, dat een filter nodig is voor het behoud van enig overzicht. De gekozen invalshoek wordt daarbij ‘place making’. Een moeilijk in het Nederlands te vertalen term. Vandaar volgende toelichting: ‘place making’ is iets anders dan ‘place branding’, maar heeft er wel alles mee te maken. Bij ‘place branding’ gaat het om het positief aan de man – sorry: aan de mens – brengen van bijv. een stad of regio. Ter versteviging van het ‘merk’ en de status van deze stad of regio. Bij ‘place making’ gaat het vooral om de opwaardering van de ‘inhoud’: hoe zorg ik ervoor dat de betrokken stad of regio blijvend meer waard en aantrekkelijker wordt als woon-, werk- en verblijfstad en, in de branding-context, geloofwaardig blijft of liever nog geloofwaardiger wordt? Met ‘place making’ zijn vooral ook de huidige en toekomstige inwoners van de betrokken stad of regio gediend; zij profiteren er het meeste van. Maar zij niet alleen, ook onder meer de (Zuid-)Limburgers hebben belang bij een aansprekende ‘lijstaanvoerder’. Zoals gezegd; in het navolgende is gekozen voor Maastricht. (Zuid-)Limburg: een andere keer maar.

Maastricht: belangrijke recente ‘p(l)ace makers’.

Het A2-ondertunnelingsprojectmet twee dominante componenten: het bewerkstelligen van ondergrondse doorvoer van een voor Limburg/Nederland/Europa belangrijke verkeersader met, als dominante bijvangst, de mogelijkheid voor het realiseren van de Groene Loper die de ter plekke spelende stedelijke indeling (en omgeving) volledig herordent als werk-, woon- en verblijfgebied, via o.a. de inzet van landschapsarchitecten.
PS: de wijze waarop dit project georganiseerd en gerealiseerd is heeft Maastricht en de organiserende partijen veel goodwill opgeleverd.

De verlegging van de aanlanding van de Noorderbrug die het westelijk stadsdeel overzichtelijker bereikbaar maakt en voor groeiende verkeersstromen toekomstbestendig. Maar die vooral ook annex-activiteiten als de nieuwe ‘indeling’ voor het Frontenpark en de renovatie en revitalisering van het Sphinx/Belvédère-gebied faciliteert. Maastricht krijgt er hierdoor, naast o.a. het Onze Lieve Vrouweplein, het Vrijthof, de Markt en de Kesselskade, een nieuwe verpoos- en ontspanningsplek bij en wellicht evenzeer een nieuwe stedelijke loper van het Sphinxkwartier, via de Boschstraat, naar de Markt. Het Kesselskade-project was destijds overigens een spraakmakend place-making project, ook al bestond die duiding toen nog niet. Met dit project werd door de stad een stuk Maasoever terugveroverd via de aanleg aldaar van de Maastunnel.

De tot wasdom gekomen stedelijk loper vanaf Station Maastricht tot de Bijenkorf. Met de allure van een mini-Champs-Elyseés. Knap voor elkaar gekregen vooral door de vasthoudendheid van de betrokken ondernemers en bijkomende animatoren als de ontwikkeling van stadswijk Céramique (inclusief het architectonisch bijzondere Centre Céramique en het Bonnefantenmuseum) en de blijvende aantrekkingskracht van Maastricht als winkel- en toeristenstad. Het (winkel)centrum van de stad Maastricht heeft hiermee een aantrekkelijk verlengstuk gekregen en de stadswijk Wyck een mooie upgrade. Een aantal zijstraten meetellend is het een trendy stadsdeel geworden. Er dringt zich nog een wijk op – van de 52 buurtwijken in Maastricht  – die de laatste 10 jaar heel veel aan profiel gewonnen heeft: het Jekerkwartier. Steeds vaker ook getoonzet als het Maastrichtse Quartier Latin.Met het jaarlijks organiseren van stemmige evenementen als Jekerjazz, Jekerklassiek, het Quatorze Juillet-feest en nog zo het een en ander. Waaronder het dit jaar voor de vijfde keer, met zo’n 120 activiteiten ingeklede PAS-festival (Pleasure, Art & Science).

Markante locaties nieuwbouw woningen. De afgelopen 10 jaar is er stevig ingezet op de planning van een aantal opvallende projecten voor de nieuwbouw van woningen. Aan de ene kant is er het imposante grote project, meer dan 1000 woningen, op de Groene Loper. Aan  de andere kant is er sprake van minimaal een drietal slimme herinvullingsprojecten van beschikbaar gemaakt bouwterrein. Herinvulling omdat hier sprake is van gebruik van dicht bij het centrum liggende beschikbaar komende/gemaakte locaties: het Polverpark, in het Klevariekwartier, met meer dan 100 woningen, De Looiershof en andere op het oude  terrein van de voormalige vermicellifabriek in het Jekerkwartier en de nieuwbouw van ongeveer 380 woningen in het Sphinxkwartier. Al deze projecten zijn op dit moment in uitvoering.  Samen zorgen ze voor een slimme aanvulling van het woningbouwpotentieel vooral ook in en nabij het stadscentrum.

De herinrichting van het Tapijngebied, waarmee het campusbeleid van de Universiteit Maastricht (UM) zijn (voorlopige) voltooiing bereikt. De stad Maastricht, met zijn talrijke aan de UM toebedeelde gebouwen – van het Minderbroedersklooster, het voormalige gouvernementsgebouw en het voormalige Jezuïetenklooster tot talrijke breed over de binnenstad verdeelde kleinere locaties –  positioneert zich hiermee als het ware als een met de UM ‘mee-ademende’ charmante en aantrekkelijke universiteitsstad. Nog iets vergeten: het Geusseltproject met o.a. het United World College?

Aparte vermelding verdient de snel naar excellence groeiende Brightlands Health Campus Maastricht, die gelieerd is aan de Universiteit Maastricht en het Universitair Medisch Centrum, maar (veel) meer is dan alleen een universiteits- en ziekenhuisproject. In feite een majeur project dat ondernemers en onderzoekers en wetenschappers en bedrijfsleven aan elkaar koppelt. Gericht op de aanmaak van medicijnen en behandelingstechnieken voor de patiënt van vandaag en van de toekomst. Ter lering – met betrekking tot aspecten als procesaansturing en samenwerkingsformules en de wederzijdse toelevering van inhoudelijke kennis – worden ook relaties onderhouden met de overige Limburgse campussen: Chemelot in Sittard-Geleen, Greenport in Venlo en Smart Services in Heerlen. Aan het Health-cluster zijn op dit moment ca. 9500 werknemers verbonden, inclusief ziekenhuis- en relevant universiteitspersoneel, maar exclusief de ongeveer 7000 studenten. Met de Health Campus onderhouden al een dikke  70 bedrijven een zakelijke relatie, via een vestiging op locatie. Daar moeten er de komende jaren nog enkele tientallen bij komen. In veel opzichten een aparte en fascinerende constructie met veel toekomstpotentieel: een soort laboratorium hors catégorie.

Het in hergebruik nemen van de Lambertuskerk in Maastricht. Ook hier is er sprake van een lange traditie, met een forse nagalm ook in de laatste 10 jaar. Goed dat serieus over de herbestemming van kerken nagedacht wordt en dat de Lambertuskerk – een heuse icoon – met zijn verzwakte fundering voor ‘inzakken ‘behoed is. In de vroegere Minderbroederskerk in de Pieterstraat, thans in gebruik bij het Regionaal Historisch Centrum Limburg is de ruimte rond die fundering zelfs in hergebruik genomen met het onderbrengen van een grote massa archiefdocumenten. Hoeveel kerken nog te gaan? Want Maastricht beschikt over een groot arsenaal van voor hergebruik beschikbare kerkgebouwen en kapellen. Onderhanden werk: onder andere de Sint-Andrieskapel in het Statenkwartier. ‘Uithanden’ werk: ook het voormalige Kruisherenklooster dat zich met een nieuwe bestemming evenzeer tot een heuse Maastrichtse sfeerbepaler ontwikkeld heeft.

ENCI-Groeve, Grensmaasproject, Frontenpark. Naast aandacht voor stenen/gebouwen zijn er op dit moment ook nog een aantal bijzondere omgevingsverrijkende ‘natuurprojecten’ in uitvoering. De Sint-Pietersberg krijgt er met de voor het publiek toegankelijke ENCI-Groeve een heel interessant accent bij. De Maas is er al lang, maar het Grensmaas-project is redelijk nieuw en nog volop in bedrijf. Het project strekt zich uit over een lengte van 43 km van Maastricht tot Echt-Susteren en voegt aan Zuid-Limburg zo’n 1000 hectare natuurgebied toe, waarvan een deel dus aan Maastricht. Samen met de eerder vermelde nieuwe Frontenparkcompositie krijgt Maastricht er dus behoorlijk wat mooie, en vooral ook specifiek interessante, natuur bij. De herinrichting van wandelgebied de Kleine Weerd en dito van het Stadspark ter hoogte van de vroegere Tapijnkazerne misstaan trouwens ook niet op deze lijst.

Spirituele inspiratiebronnen en reputatiezegels. Naast de hier weergegeven fysieke stimulatoren voor het functioneren en het opkrikken van het imago van Maastricht zijn er ook nog een aantal ‘uithangborden’ die de naamsbekendheid en de reputatie van Maastricht extra versterken en ondersteunen. Voor beter begrip benoemen we ze hier als reputatiezegels. De Sterre der Zee-kapel in de Onze Lieve Vrouwe Basiliek als een moet-je-gezien-hebben element bij een bezoek aan Maastricht, dito de Dominicanenkerk als ‘s werelds mooiste boekhandel – toch!? -, het André Rieu-gezelschap met zijn wereld- en Vrijthofconcerten, het jaarlijks TEFAF-evenementen – dat wel – een keer per zeven jaar de Heiligdomsvaart. En nu eindelijk ook het sinds enkele jaren stevig uitgevente Europastad-label. Sinds maart van dit jaar werd het in 1992 ondertekende Verdrag van Maastricht, met daarbij de geboorte van de Euro, door de EU beloond met het Europees Erfgoed-label. Maastricht is door al deze ‘omstandigheden’ zo langzamerhand een wereldmerk aan het worden.

Grote opsteker in het cultuurdomein is de zeer recent bekend geworden constatering in  de jaarlijkse publicatie van de Atlas voor Gemeentendat Maastricht, direct na Amsterdam, op de tweede plek staat van cultuurindex gemeenten. Maastricht besteedt op dit moment dus weer zeer veel aandacht aan het cultuuraspect. Door het organiseren resp. in stand houden van een groot aantal toepasselijke evenementen en dito instituten. Aan de ene kant wonderbaarlijk omdat het er op leek dat na het teloorgaan van de Culturele Hoofdstad 2018-benoeming in het culturele domein de fut er (enigszins) uit was en aan de andere kant uiterst welkom, omdat het cultuurdomein nu eenmaal als brede onderlegger en effectieve (Euregionale) verbinder permanente opwaardering verdient.

Opmerkelijk feit: zelden zal in een voorbijgaand decennium sprake zijn geweest van een vergelijkbare opeenhoping van (grote) projecten. Het ondertunnelingsproject A2 speelde al heel lang, maar kwam in de afgelopen periode pas tot uitvoering. De verlegging van de aanlanding van de Noorderbrug kon worden binnengehaald via de ‘toevallig’ in deze periode ingestelde Crisis- en Herstelwet. Het vervallen Sphinx/Eiffelgebied smeekte om een opknapbeurt. Met een wilsbekwaam gemeentelijk bestuur aan het roer werd hier doelmatig op aangestuurd. De Provincie Limburg moest zichzelf resetten als vestigingssplek voor met name ook nieuwe bedrijvigheid, met onder meer het campusbeleid als resultaat. Als ‘jonge’ universiteit was de Universiteit Maastricht nog niet rond met haar curriculum voor de toekomst, enz.

Niet te verwachten is dat het met vergelijkbare nieuwe grote projecten de komende 10 jaar zo druk zal worden. Er lijkt dus voor de toekomst wat meer doe- en denkcapaciteit beschikbaar te kunnen komen. Er kan en er moet dus, naast het blijven inzetten op de talrijke lopende projecten, en op enkele nieuwe ‘grote’ projecten die zich inmiddels al aangediend hebben, ook meer aandacht en energie gestoken worden, in de zoektocht naar nieuwe en/of betere positioneringsmogelijkheden van Maastricht in de wereld van morgen. Voor de hand ligt een en ander aan te pakken in een raamwerk van hernieuwde/nieuwe samenwerkingsformules met in de eerste plaats de regionale partners en zeker ook de buitenlandse buurgenoten. Het onderstaande ‘quick scan-lijstje’ sluit aan op deze gedachte.

Wat te doen in de komende 10 jaar? Onderwerpen genoeg, zoals:
1. Het afronden van een aantal belangrijke ‘klussen’ waaronder een efficiëntere ontsluiting van de stad via betere Euregionale openbaar vervoer-verbindingen
en dito treinaansluitingen op de intercitystations Aken en Luik. Daarnaast staat
het opknappen/herinrichten van de gehele Maastrichtse spoorzone op de verlanglijst (Plan Stad en Spoor). Wordt deels al stevig aan geprogrammeerd, zoals ook aan de opschaling van het MECC + aansluitende omgeving;
2. Europese Cultuurstad-idee herpositioneren
3. Ultieme doelstelling naderbij brengen: Maastricht als carrière- en economische diversiteitsstad. Het belangrijkste, je kunt er van baan wisselen, omdat die banen er zijn: in Maastricht zelf of in de Euregio. En de partner komt/verhuist mee omdat er voor hem/haar ook een baan te vinden is. Carrière- en diversiteitsstad: in welke ‘inkadering’ dan ook: van maakindustrie- en dienstverleningstad, enz. tot creatieve stad (Over de veranderende manier van ‘samenleven’: 2002 Richard Florida: The rise of the creative class> 2017 Charles Landry: The civic city in a nomandic world, beiden al eens met een lezing in Maastricht aanwezig > Maart 2018, Provincie Limburg: Limburg Agenda 2030);
4. Buurtalenproblematiek voldoende oplossen;
5. Meer Euregionaal engagement bij de media losweken;
6. Euregionaal Educatief Informatiecentrum (EEI) inrichten, vooral ook voor de jeugd;
7. De vele al lopende Euregionale activiteiten beter zichtbaar maken;
8. Stedelijke polyvalentie tot stand brengen met de buurlanden;
9. Institutionele daadkracht tot stand brengen bij de doorontwikkeling van de Euregio;
10. Prospectief arrangement tussen Zuid-Limburgse partners tot stand brengen. Gemeenschappelijke doelstelling vruchtbaarder en aansprekender maken dan het empathieloos vooropstellen van het (vermaledijde) ‘hoe haal ik zelf de grootste buit binnen’. Voor iedere gemeente, Maastricht inbegrepen, is hier aan de orde het zich dienstbaar opstellen bij het tot stand brengen van (nog) meer dynamiek in het ‘overkoepelende’ Zuid-Limburgse economische en sociaal-maatschappelijke ontwikkelingsbeleid. Niet als afweging, maar als uitgangspunt. O.a. met de Tristate-enscenering en met het recente rapport Eerste aanzet voor een stedelijk netwerk Zuid-Limburg/Strategisch actieplan Randstad Zuid-Limburg (auteur: Prof. Luc Soete) slaat Zuid-Limburg hier de goede weg in.

Bij deze 10 punten laten we het voorlopig. Algemene conclusie: voor de toekomst moet Maastricht als Europastad het steeds meer hebben van oriëntatie, samen met de (Zuid-)Limburgse partners, op een energieke doorontwikkeling van de Euregio. Met het inmiddels omarmde Strategisch actieplan Randstad Zuid-Limburg en zeker ook met het ‘Euregio-technisch’ absoluut indruk makende en kersverse concept coalitieakkoord Maastricht 2018-2022 worden we op onze wenken bediend. Meer informatie ter zake: zie het essay (Zuid-)Limburg en de Euregio: Stand van Zaken en Activiteitenagenda. Een analyse op basis van de 4 x P formule: Perceptie: hoe denken we dat we er voor staan met de Euregio? >Projectie: waar willen we heen met de Euregio? >Proces: Hoe komen we daar? >Positionering: hoe presenteren we de Euregio?
Te downloaden:
https://geengrens.eu/docum/4xP-Zuid-Limburg-en-de-Euregio–180319.pdf

 

 

 

 

 

 

 

Advertenties